1 November vieren

          Dode bladeren op de aarde. Kale bomen die verweesd achterblijven. Mist over het land. De zon maakt zich op voor een winterslaap. De hemel huilt een beetje. Mannen gehuld in sjaals in jassen met opgezette kragen. Vrouwen onherkenbaar in het zwart. Overal chrysanten, de droefste aller bloemen. De wereld werkelijk een tranendal.

          Dit moet 1 november zijn, de dag om doden te gedenken. Treurnis, droefenis, groot verdriet. Maar dan toch niet hier! Ik weiger daaraan mee te doen. Vandaag is ook een vrije dag, een dag van feest, officieel. Er moet wat worden gevierd. Dus ik ga niet rouwen om de doden, ik ga de levens eren die eraan zijn voorafgegaan. Ik schuif de gordijnen toe, steek hier en daar wat kaarsjes aan, trek de kurk van een fles en omring mij met een greep uit wie zijn heengegaan.  

          Openen doen we met een eerbetoon aan de dode van de week. De Winnaar is Prunella Scales, Sybil Fawlty uit Fawlty Towers. Speciaal voor haar: Always look on the bright side of life. Drieënnegentig mocht zij worden. Tot op haar sterfdag keek zij naar haar favoriete serie. Met een lach op de lippen ging zij van ons heen, zo zie ik dat, en dat zij daarom voor ons allen voorbeeld moge zijn.
          Een beetje peper in het gat dan, voor een oude maat van toen. Op de stomende bassen van Level 42 kwam Max met zijn brommer onder een bestelwagen terecht. End Game. Love Games voor hem, op je vierentwintig is het Spel der Liefde het enige spel het spelen waard. Misschien is dat wel je ganse leven zo.
          Uit hetzelfde café, mijn maatje Flip. Vaker te vinden aan de toog dan op een werkvloer. One speel ik voor hem, met de stem van Johnny Cash. Omdat wij sinds ons eerste puistje één waren, inderdaad, maar toch nooit dezelfden. Santé voor hem. Ik doe niet zo aan missen, maar als ik iemand missen moet, dan zal het wel mijn maatje zijn.
          In een andere kroeg ontmoette ik mijn favoriete nachtraaf, Robbie was zijn naam. Een kilo of honderdtwintig, altijd jongen van de straat, stem als een asfaltschraper, een hart van koekebrood. Beat It, Robbie, samen met de Michael, ook al heel lang niet meer onder ons. Volumeknop op hard, ik doe mijn ogen toe,  voor me zie ik weer vliegensvlugge vingers vlinderen over de denkbeeldige gitaar van de beste luchtgitarist die de Seefhoek ooit gekend heeft. Beten en scheten hebben we gelachen samen, dat blijven we doen tot ik zijn laatste grap vergeten ben. Die van die kneukelende nozems zal dat zijn, wellicht.
          Voor Walter op de fiets nog een breed en lang Riders on the Storm, graag met forse tegenwind en heel veel regen, daar wordt ie alleen maar sterker van.

          Vrienden komen, vrienden gaan. Je verwacht het minder in Thuis en Familie. Toch schreven zich ook daar al beide ouders en enkele broers vroegtijdig de serie uit. Voor de jongste, die met de hardste kop, iets voor zijn door weinigen gekende binnenkant. Nothing Rhymed van Gilbert O’ Sullivan, dat rare mannetje met pet en in te korte broek dat hij als knaap zo grappig vond.  Vanzelf wordt inmiddels mijn glas door weemoed bewasemd. Dan toch. Ach, mijn broer. This feeling inside me could never deny me the right to be wrong if I choose. Mocht eigenwijsheid tot kunst verheven zijn, hij had nu vast zijn eigen  galerij.
          Voor de oudste van de twee graag iets licht, iets luchtigs en eenvoudig. Een meezinger van Will Tura of iets in die aard. Hopeloos, zo’n beetje wat hij van de wereld vond, of iets van De Strangers, Schele Vanderlinden of de Blauwe Geschelpte. Een Café Zonder Bier kan ook altijd.

          Dat brengt de sfeer er lekker in.
          Sfeer bracht ook mijn vader, zij het niet altijd de beste. Voor hem My Way, hoe kan het anders, door Frank Sinatra. Die leefde ook een tweede leven in het donker waarover niemand echt het fijne wist maar iedereen zo zijn gedachten had. Ooit legde ik mijn vader pesterig de versie van Sid Vicious voor, notoir Sex Pistol on dope, gestorven aan een overdosis. Het hielp onze zo al wankele relatie niet bepaald vooruit. Ha!
          Het laatste lied is voor mijn moeder. Dag Vreemde Man dan maar, door de ook al jaren wijlen Anneke Christy. Die laatste twee verzen faden we er dan wel uit, die vond mijn moeder flauwekul. Samen met het plaatje krijgt zij van mij een Kleenex mee.  

          De fles is leeg, het glas tot op de laatste druppel uitgewrongen. Tijd voor nog een laatste toegift. Eentje voor mijzelf: I was only Joking. Noteer dat in uw telefoon voor later.
          Ten slotte, bij het sluiten van de dans, de uitsmijter. Die is voor U.  
          En voor U.
          En voor U en U en U.
          Komt-ie! Zing en Dans nu allen mee met kleine André Hazes!
          En Lééf!

2 gedachten over “1 November vieren”

Plaats een reactie