Twee kleine levens (C-kronieken 5)

Some guys have all the luck.
Bad luck, soms.
Zoals Jude St. Francis, het eerste kwart van zijn leven. Als baby gedumpt in een vuilnisbak. Opgevoed in een klooster waar de broeders hem misbruiken. Allemaal. Met broeder Luke, de enige broeder die lijkt te deugen, ontvlucht hij de aanhoudende folteringen. Maar ook broeder Luke blijkt een inslechte schurk. Gebroken vertrouwen, dat is als je lievelingstas, je krijgt de brokken nooit meer aan elkaar gelijmd. Een nieuwe vlucht. De vrachtwagenchauffeurs die hem een lift aanbieden, moet hij betalen met zijn lichaam. Allemaal.
Komt een dokter voorbij. Die raapt hem op, een half lijk langs de rand van de weg, arm kind, zestien lentes zo pril. Even gloort er hoop. Vergeefs. Nieuw misbruik, een gijzeling, een opzettelijke aanrijding. Het riet knakt. Ook later blijft het leven vaak nog doffe ellende. Jude ondergaat drama’s die mij en u, ik hoop het van harte, bespaard gebleven zijn.

Some guys have all the luck.
Good luck kan ook.
Als student hokt Jude St. Francis samen met drie vrienden. Zij worden toppers in wat ze doen. Allemaal. Jude zelf wordt een briljant advocaat. De mannen leven the American Dream, veroorloven zich flats, vakantiehuizen aan het strand, exotische reizen, delicate geschenken naar believen. En iedereen houdt van elkaar. De vrienden blijven elkaar trouw, een leven lang. Ook de nukkige en weerbarstige Jude met zijn geheimen. Van hem houden doet ook het professorenkoppel Harold en Julia die hem zelfs op latere leeftijd officieel adopteren als hun eigen zoon.

Wat op je bord ligt, eet je op.
Een klein leven’ door de Amerikaanse Hanya Yanagihare is een wereldwijde bestseller van zevenhonderdvijftig pagina’s. Ik heb ze gelezen. Allemaal. Een film afbreken, een aangebroken fles niet leegmaken, een boek wegleggen, ik vind het hondsmoeilijk. Sommige mensen nochtans, vernam ik onlangs, lieten het boek na een aantal pagina’s onaangeroerd. Ik begrijp ze.
Dit boek is every inch americana. Professioneel is elke protagonist een kanjer, buitengewoon begaafd en succesvol. Jude, de vuilnisbakbaby, wordt een zonder meer briljant student en ongelimiteerd rijk. Ergens in mijn leven heb ik iets verkeerds gedaan, of misschien ben ik gewoon niet slim genoeg. Het zal dat laatste zijn. Of allebei, wellicht.
De vriendschap, het begrip, de levenslange onvoorwaardelijke liefde voor Jude, zijn onbegrensd. De slechten zijn door en door slecht en de goeierds zo door en door goed dat je er moe van wordt. Zij weten weinig tot niets van zijn geschiedenis, vermoeden alleen maar een hoop onverwerkte ellende. Desondanks incasseren zij zijn nukken en buien met bovenaards engelengeduld. Weinig vragen stellen zij en niets verlangen ze in de plaats. Allemaal. Ikzelf, nochtans een veteraan op het slagveld van vriendschap en liefde, koester andere ervaringen.
Hey Jude, zou je willen zeggen, take a sad song and make it better. Het zou vergeefse moeite zijn. Natuurlijk blijven zijn trauma’s hem zijn leven lang vergezellen. Al probeert hij ze met overgave uit het lijf te snijden. Zijn kerven in eigen vel stapelt litteken op litteken. Hier weer, de man haalt het scheermes zo vaak doorheen het eigen vlees, dat er op een bepaald ogenblik geen flard huid meer rest waar nog verder in te snijden valt.
Cliché, maar waar, soms wordt trop echt te veel voor een mens.

Ah, dat vakmanschap, die bedrevenheid!
Natuurlijk gaat dit boek ergens over. De turf stelt buitengewoon interessante vragen. Groeien oude wonden ooit echt helemaal dicht? Hoe diep mag je grijpen in het leven van een ander? Kennen liefde en vriendschap grenzen? Hoe absoluut en onvoorwaardelijk hoort liefde te zijn? Wat mag je in een relatie van een ander verwachten? Kan je een mens verplichten om te blijven leven?
Natuurlijk kom je schitterende passages tegen. Landschappen, interieurs, recepten, decors, tot in de meest decoratieve details geëtst. Al stelt zich wel een keer de vraag: waar heb dat nou voor nodig? Hoe relevant is dit streepjespak of die kunstinstallatie voor het verhaal?
Natuurlijk kan deze mevrouw excellent schrijven. Pure klasse. I wish I could. Meesterlijke compositie, sublieme metaforen, immer het juiste woord, rijk aan volzinnen en filosofieën. Wauw!

But yes but no but yes but no.
Het boek ging dicht met een oef en een zucht.
Indrukwekkend, zonder meer. Maar een aanrader, mwaah. Aarzeling en twijfels.
En wel hierom.
Onmiddellijk erna las ik ‘Kroniek van een verzonnen leven’, door Charles Ducal. Al van gehoord?
Een herkenbare geschiedenis, dicht bij huis, helder en compact, woorden en zinnen accuraat gekozen en met een scherp mes geboetseerd.
Over een ander klein leven.
Na al dat bombast en geweld, een verademing.

Een gedachte over “Twee kleine levens (C-kronieken 5)”

  1. ‘Kroniek van een aangekondigd stukje.’ Fijn. Ga ik het boek op bladzijde 279 weer oppakken? Een paar weken geleden schreef ik … 80% kans dat ik dat ga doen. Ondertussen is het metertje gezakt naar ergens tussen de 50% en 60%. Eerst maar eens je andere boek opsporen. Prettig wekend. Dank voor de tip.

    Liked by 1 persoon

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s