Een Hip Hipje

          Deze week was ik jarig. Op precies dezelfde dag als altijd. Er zijn nog zekerheden in het leven: de dag waarop je bent geboren en de stelligheid van de dood. Al de rest verandert.
          In de dagen toen ik werd geboren, liepen de buren nog langs de achterdeur je keuken in, verlegen om wat boter of een ei. We speelden buiten tot we in het donker geen bal meer voor onze ogen zagen, moeders wil was wet en voor je verjaardag mocht je snoepjes mee naar school. Hilversum 3, pretparken en fastfoodrestaurants bestonden toen nog niet.

          Het is zestig jaar geleden, maar ik herinner me nog goed. Je verjaardag was een hoogdag in je leven. Hij bracht je dichter bij je grootste doel: een Grote Mens worden. Kinderen mochten niets, Grote Mensen alles. Met een brommer rijden. Roken. Bier drinken op een stoeltje tegen de voorgevel. Naar films gaan kijken waar Kinderen Niet Toegelaten waren.
          Dertig colalolly’s nam ik mee, één voor elk kindje in de klas en eentje voor de meester. Lekstok noemden wij dat toen, een term die je vandaag alleen nog tegenkomt in de Limburgse variant van Only Fans. De meester kreeg er nog sigaretten bovenop. Tigra, met een verleidelijke vrouw in tijgerprint op het pakje. Geen idee wat die daar lag te doen. Op het pakje van mijn vader stond zelfs een engel afgebeeld, de punt van zijn speer in de buik van een spartelende duivel aan zijn voeten. Ook een manier om aan te geven dat roken de gezondheid schaadt. Veel heeft dat overigens niet geholpen. Mijn vader bleef doorgaan met roken tot hij uiteindelijk aan longkanker overleed.
          Dertien jaar ouder was hij toen dan ik vandaag.

          Op weg naar school zette ik mijn fietsje aan de kant. Beter een keer te veel nageteld dan een lolly te weinig. Natuurlijk scheurde het papier. Natuurlijk vlogen mijn lolly’s alle kanten op. Natuurlijk kwamen toen toevallig twee soort van Hells Angels op zware motoren aangeraasd. Natuurlijk sloeg de angst mij om het hart. Natuurlijk hebben Hells Angels nul en generlei interesse in colalolly’s. Angst zat ook toen al het meest tussen je twee oren.
          In de klas hield je de lippen stijf op elkaar. Je had er wekenlang over lopen rondbazuinen, in je hoofd kenden vandaag alleen jij en de meester je geheim. Dan het grote geluksmoment! Enkele minuten voor de ochtendspeeltijd liet de meester de rekenschriften opbergen en mocht jij met je gescheurde zakje je rondgang maken door de klas.
          Soms duurt vriendschap een lekstok lang.  

          Thuis, met al die andere kinderen die ook elk jaar opnieuw weer jarig waren, stelde jouw geboortedag niet zo geweldig veel voor. Geen versiering aan je stoel, geen slingers aan het plafond, geen kroon op je hoofd. Bij het ontbijt wenste je moeder je gelukkige verjaardag. Je vader was er niet, misschien belde hij die avond wel. Twee cadeautjes bij je bord, oef, ze is het niet vergeten. Eentje voor de pret, eentje voor de nuttigheid. Een Jokari om in je eentje te leren tennissen en hoewel de lente pas begonnen was een mooie gebreide trui voor volgende winter. Het geld groeide mijn ouders niet op de rug, zo hielden ze ons dagelijks voor. Niemand van ons had ooit anders beweerd.
          De jarige mocht kiezen wat die avond de pot zou schaften. Die gunst was aan beperkingen gebonden. De warme maaltijd bestond uit aardappelen, groente, vlees. Op jouw dag mocht jij de groente kiezen. Mijn moeder maakte de heerlijkste savooi van de hele wereld. En bakte de lekkerste worst.

          Uitbundig heb ik niet gevierd, afgelopen week.
          Die ochtend in bed heb ik mijn zegeningen geteld. Gedacht aan de mensen om me heen. De knoken kraken soms een beetje, af en toe vergeet ik weleens een woord, vaak moet je twee keer vragen wat iemand heeft gezegd maar al bij al lukt het nog aardig. Een grote troost bij deze oude dag: u was ruimhartig in uw wensen, tot aan de middag heb ik hartjes geplaatst.
          Bij het ondergaan van de zon heb ik me een wijntje ingeschonken. Met weemoed komt berusting. De Grote Mens die ik geworden ben, wordt stilaan weer kleiner. Elke verjaardag brengt het einde dichterbij. Het beste zit er niet langer nog aan te komen, wellicht is het al geweest. Veel kans dat ik het niet eens hebt gemerkt.
          Zeker weten doe je dat nooit. Er is nog een deel te gaan. Bij leven en welzijn en wat geluk staat u en mij nog heel wat moois te wachten.
         

Plaats een reactie