De Prijs van de Roem

          Dat Nobels’ comité ook dit jaar weer De Sprekershoek voorbij zou gaan, kwam niet als een donderslag. Zegt niet Artikel 1 van het reglement: ‘Eerst een boek, dan de prijs.’ Wanneer je daar dieper over nadenkt, zie je daar wel enige logica in.      

          Toch fantaseer je weleens over hoe dat voelt.
          Jezelf te zien liggen in de etalage van een boekenzaak in Antwerpen of Amsterdam of vertaald in Wenen of Parijs. Te worden gevraagd voor Saint Amour. Herkend te worden in de C&A terwijl je nieuwe boxers koopt. Te bedenken dat elke avond een stukje uit je Parels Aan Uw Kroon, De Sprekershoek Verzameld wordt voorgelezen in het bed van Romeo en Juliet, op onpare avonden leest hij, op de pare zij. Een amuse, opwarmer voor het voorspel, warm, traag, de stem hees en laag. Na elke, werkelijk élke lezing zuchten zij, een monkel soms, een traantje een andere keer. Als puppy’s in hun nest schuiven ze dan onweerstaanbaar naar elkaar waar huid aan huid de chemie van hun liefde weer spontaan aan het pruttelen en borrelen gaat.
          Je gaat er haast vanzelf van gloeien, een stukje van jouw hand als vonk van groot geluk.

          Dan kijk je naar de wereld om je heen.
          Als dauw in de ochtend verdampt je droombeeld in de eeuwigheid. Twijfel. Angst. Hoe gaat dat in het werkelijke leven? Welke tol kost je die roem?
          Met de prijs nog vers in je handen, je weet nauwelijks hoe je hem moet houden, moet je mensen gaan bedanken. Wie mag je zeker niet vergeten? Bij wie ga je bijna aan het huilen? Wie zijn de vrienden die er waren toen je geen drie woorden na elkaar kon verzinnen? Waar trek je de grens? Is ook vriendschap niet even wispelturig als de golfslag van de zee? Wat met je familie? Die heb je zelf niet gekozen? Je ouders? Ze zijn dan wel dood, zonder hen stond jij hier zo niet, toch? Je uitgever, uiteraard. Je redacteur, dat spreekt. Maar ook de letterzetter, vormgever, drukker? Synoniemen.net? De Egyptenaren die de papyrus gingen bewerken?
          Kiezen is verliezen. De kans op nooit meer te herstellen nevenschade levensgroot.

          Je wordt gevraagd op literaire festivals en leesfestijnen. Signeert op zaterdagmiddag in het Shopping op de zeedijk, staat ’s avonds op het podium van CC Boemerskonten en zetelt op zondagochtend in een Panel van Wijzen in de bib van Vucht. Na afloop zit je aan een houten tafeltje met een kopje koffie en rozijnenkoek. Voor je een lange rij, stuk voor stuk mensen die makkelijk wat anders hadden kunnen doen, het onkruid wieden, kaarten en jenever drinken, bonen knopen, werken aan hun relatie. Zij kozen voor jou. Dat moet je respecteren. De mannen hebben zich geschoren, een fris hemdje aangetrokken, zich besprenkeld met het geurtje dat ze kregen van hun eega. De vrouwen diepten hun mooiste jurk uit de kast, sensueel maar niet vulgair, hebben hun wimpers gepenseeld, lippen gestift, ze ruiken naar zomer. Ze verwachten in het boek dat ze net hebben betaald jouw hoogsteigen signatuur met daarbij een diepe boodschap, origineel en hoogstpersoonlijk die enkel jullie twee werkelijk begrijpen. Terwijl jij in je hoofd niet verder komt dan Wat is die Peter toch een zweter en wat een wijf, deze Olijf.

          Er moeten foto’s op je socials.
          Jij als een winnaar op een zeepkist in een park in Londen, naast een toren van twee meter Parels Aan Uw Kroon. Jij half onderuit in een sofa, compleet met pijp en bril, voor een achttiende-eeuwse boekenkast vol De Sprekershoek Verzameld. Vanop bushalte en straathoek lacht jouw gezicht je vrolijk toe. Je host van nieuwsstudio naar praat- of televisieshow, links van je Miss België 1993, rechts een minister waar je een bloedhekel aan hebt, over je een influencer van dertien en een half. In haar ogen ben je een reliek uit de oudheid, hoe durf jij nog de zuurstof ademen die generatie XYZ zo broodnodig heeft? Een bordje, JA of NEE. Is wit een kleur? Mag je oude oma nog mee naar Mars? Is het gat in de begroting niet te dik? JA, gok jij. Bodyshaming, gilt de influencer met haar vierhonderdveertigduizend volgers. Mocht ze kunnen, werkelijk, ze bliksemde je dood. Ook niet erg, vindt je uitgever, er bestaat niet zoiets als slechte publiciteit. Volgens contract moet je vier afleveringen grappig zitten zijn in De Slimste Mens. Uit de kleren in Naked Attraction. Tot je eigen verbijstering ben jij de flamingokleurige ééncellige in The Masked Singer.

          Laat ook maar, denk je dan.
          Wat zal zijn, zal zijn. En als het elke zaterdag vijf minuten bij de koffie zijn waarin iemand blijmoedig of bewogen in jouw wereld zit, dan is het goed.
          Want zo sprak toch de wijze: in de beperking toont zich de meester.

Geef een reactie